VHS bij konijnen

Viraal hemorragisch syndroom (VHS), ook wel bekend onder de namen VHD (viral haemorrhagic disease) en RHD (rabbit haemorrhagic disease), is een konijnenziekte die ontstaat door een calicivirus. Het virus komt waarschijnlijk al langere tijd voor bij konijnen, maar is pas in de laatste 10 tot 20 jaar gemuteerd naar een dodelijk vorm. Tegenwoordig is VHS is een dodelijke ziekte die gemakkelijk te voorkomen is door je konijnen elk jaar te laten inenten bij de dierenarts. Alleen konijnen die jaarlijks worden ingeënt tegen de ziekte en jonge konijnen tot 10 weken worden niet ziek. Experts vermoeden dat dit komt door antistoffen in de moedermelk.

VHS werd voor het eerst waargenomen in China en in juni 1990 werd het ook gevonden in België. De jaren daarna is VHS verantwoordelijk voor een grote sterfte onder wilde konijnen. In 2004 was er nog maar 30% over van de Nederlandse konijnenpopulatie uit 1994. Het virus ontsnapte uit een laboratorium op een eiland naar het Zuid-Australische vasteland in oktober 1995. In het Flinders Ranges National Park werd in november 1995 onder de konijnenpopulatie een sterftecijfer van 95% bereikt. Men schat dat gedurende die periode meer dan 30 miljoen konijnen in het gebied de dood vonden.

Verspreiding

VHS wordt verspreid door direct- of indirect contact. Direct van konijn op konijn door lichaamsvocht en uitwerpselen. Indirect door besmet gras, stekende insecten of door de mens (kleding en schoeisel). Tamme konijnen worden dan vaak ook besmet door dit indirecte contact. Niet in het minste geval omdat het virus tot wel 3 maanden kan overleven op bijvoorbeeld kleding.

Ziekteverloop

De incubatietijd is vrij kort, 16 tot 48 uur, waarna de ziekte snel en dodelijk toeslaat. Zieke konijnen worden sloom, stil, stoppen met eten en krijgen vaak diarree. Uiteindelijk kan het konijn leiden aan neusbloedingen en inwendige longbloedingen, waardoor het gaat gillen van de pijn. Eenmaal ziek sterft het konijn binnen enkele dagen.

Bestrijding

De ziekte is niet te behandelen, maar wel te voorkomen door jaarlijks te vaccineren.

Begin 2016 kwam er nieuws over een nieuwe variant van VHS: RHD2.

RHD en RHD2

Viraal hemorragisch syndroom (VHS), ook wel bekend onder de namen VHD (viral haemorrhagic disease) en RHD (rabbit haemorrhagic disease), is een konijnenziekte die ontstaat door een calicivirus.

Vaccineren

Tegen RHD2 kan gevaccineerd worden. Dieren die vaccin gehad hebben worden niet ziek.

Tips om besmetting te voorkomen tot vaccinatie

Voer geen (vers) gras of groente van buiten (moestuin) aan uw konijn. Kijk ook uit met het voeren van hooi of kuilvoer waarvan u vermoedt dat wilde konijnen er bij kunnen zijn gekomen.
Voorkom direct contact van uw konijn met konijnen uit het wild. Als er wilde konijnen in de buurt van uw huis voorkomen kunt u overwegen om uw konijn (tijdelijk) binnen te huisvesten. Neem ook geen zieke konijnen uit het wild mee naar huis.
Goede (hand)hygiëne is belangrijk om verspreiding van het virus te beperken; was uw handen extra goed met water en zeep vóór en na het voeren en verzorgen van uw konijn.
Pas op met besmette konijnenveldjes (besmet met urine van wilde konijnen). Via uw schoeisel kan het virus verspreid worden. Houdt u uw konijnen binnen? Wissel van schoeisel bij het naar binnen gaan. Houdt u uw konijnen buiten, bijvoorbeeld in een ren in de tuin? Dan kunt u daar het beste andere schoenen dragen dan dat u op straat draagt. Laat uw konijnen in ieder geval niet in contact komen met schoeisel waarmee u over mogelijk besmet terrein heeft gelopen.
Aangezien stekende insecten ook een rol kunnen spelen in de verspreiding, kan een goede insectenbestrijding ook bijdragen aan vermindering van het risico.
Laat bij acute sterfte onder uw konijnen een pathologisch onderzoek uitvoeren. Uw dierenarts kan u hierbij adviseren.
Treft u dode wilde konijnen aan? Meldt deze dan bij het Dutch Wildlife Health Centre (DWHC) via hun website.
Indien u acute sterfte heeft onder uw konijnen waarbij het vermoeden bestaat dat dit door VHD wordt veroorzaakt, kan een zogenaamde ‘noodvaccinatie’ overwogen worden. Uw dierenarts kan u hier verder over informeren.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.