Stijnus doctorandus
![]()
Eindelijk! Ik heb het gehaald! Mijn laatste tentamen was voldoende. Maar dat houdt niet in dat mijn studie er op zit. Ben maar niet bang! Ik blijf nog wel even dierenartsleerling!
Zoals ik al eerder vertelde bestaat diergeneeskunde uit twee delen. Het eerste deel is theorie. Dus boeken lezen, tentamens maken, vier jaar lang. Het tweede deel is praktijk. Meelopen met een dierenarts, dingen doen. En dat duurt zo'n twee jaar.
Met het eerste deel ben ik nu klaar. Met het tweede deel ga ik nu beginnen. Dat noemt men de co-schappen. Je gaat dan alle onderdelen van diergeneeskunde langs. Zo kun je leren hoe je geneesmiddelen toe moet dienen. En bij welke ziekte welk medicijn.
Ook moet je leren om een röntgenfoto te maken. Op een röntgenfoto kun je de binnenkant van een dier goed bekijken. Vooral de botten zie je dan goed. Zo kun je zien of een bot gebroken is, of dat een dier veel gas in zijn darmen heeft. Soms zie je zelfs een steen in de maag zitten (of een bierdopje).
Verder kom je bij alle afdelingen die gespecialiseerd zijn op een van de diersoorten. Zo heb je een afdeling voor varkens, pluimvee, paarden en herkauwers. En ook de gezelschapsdieren worden niet vergeten. Daar leer je dan alles over het onderzoek bij deze dieren. En natuurlijk wat je moet doen om ze beter te maken.
De komende maanden ga ik me dus verdiepen in al die onderdelen van de diergeneeskunde. Dat houdt dus in dat ook jij daarvan kan meegenieten. Want ik schrijf natuurlijk weer iedere maand over iets wat mij is overkomen. Dus houdt mijn nieuwe verhalen goed in de gaten!
Copyright DierenNieuws ©