|
|
|
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
|
|
Het aanschaffen van konijnen
Algemeen In het artikel Aanschaffen van huisdieren kun je lezen en beoordelen of je een huisdier verantwoord kunt verzorgen. Dit artikel gaat verder in op de verschillende aspecten van het konijn als huisdier. Geschiedenis De Romeinen hielden 250 jaar voor Christus al konijnen voor het vlees. Vanaf de middeleeuwen is men konijnen als huisdier gaan houden. Sinds de zestiende eeuw bestaan er konijnen in meerdere kleurvarianten. Het konijn is uitgegroeid tot een populair gezelschapsdier. In Nederland worden bijna een miljoen konijnen als huisdier gehouden.
Konijnen worden dikwijls ten onrechte tot de knaagdieren gerekend. Hoewel konijnen goed kunnen knagen, behoren ze samen met de hazen tot de familie van de Haasachtigen (Leporidae) Konijnen in alle soorten en maten
In de loop der tijd zijn er tal van konijnenrassen gefokt. Van een Pooltje of
Kleurdwergje van amper een kilo tot een Vlaamse Reus van meer dan zeven kilo.
Verschil moet er zijn! Het is onmogelijk alle rassen hier te beschrijven. Hier
een overzicht van enkele veel voorkomende konijnenrassen en de landen waar ze vandaan komen:
Behalve de erkende rassen, bestaan er ook nog veel rassen die niet erkend zijn. De Teddy Widder (hangoorkonijn met lang, pluizig haar) is de laatste jaren erg in opkomst, maar is (nog) niet erkend als ras. Bedenk voordat je een konijn aanschaft welk ras het beste bij je past. Een konijn met een lange vacht, zoals een Angora, vergt meer vachtverzorging dan een kortharig ras. En voor een Vlaamse reus zul je meer konijnenvoer moeten aanschaffen dan voor een Pooltje.
Waar koop ik een gezond konijn?
In een gemiddelde dierenwinkel of dierenspeciaalzaak heb je een ruime keuze aan konijnen. Toch is de dierenwinkel niet de meest ideale plaats om een konijn te kopen. Veel winkels krijgen hun konijnen van handelaren die de dieren uitsluitend voor het geld fokken. Dit worden ook wel broodfokkers of vermeerders genoemd. De dieren zijn niet selectief gefokt, waardoor er regelmatig sprake is van inteelt. Ook groeien de dieren niet in een huiselijke omgeving op, waardoor ze nauwelijks aan mensen gewend raken.
Wees ook voorzichtig met het aanschaffen van een konijn via Marktplaats of
andere advertentiesites op internet. Ook hier zitten soms ongezonde dieren van
broodfokkers tussen. Zie het overzicht van alle konijnenopvangcentra bij Bunnybunch.nl of kijk op www.dierenasiels.com Waar moet ik op letten als ik een konijn koop? Bekijk het konijn dat je op het oog hebt altijd kritisch, ook al ziet het er nog zo schattig uit.
Let altijd op de volgende zaken:
Eén of twee konijnen?
Veel mensen houden slechts één konijn. In de natuur leven konijnen in kolonies (families). Een konijn moet daarom altijd met minstens één soortgenoot worden gehuisvest. Een konijn dat alleen gehouden wordt, zal snel vereenzamen. Dit kan tot tralieknagen en ander ongewenst gedrag leiden. Ook al geef je het konijn nog zoveel aandacht, een mens kan nooit een soortgenoot vervangen. Maar welke geslachten kunnen bij elkaar worden gehuisvest? Een gecastreerde ram (mannetje) met één of meerdere voedsters (vrouwtjes) is de beste combinatie. In de natuur heeft een groep konijnen ook deze samenstelling. Het mannetje is in het wild niet gecastreerd en zal zijn vrouwtjes dus met regelmaat bevruchten. Als je twee voedsters samen wilt houden, kun je ze het beste al op jonge leeftijd aan elkaar koppelen. Het houden van twee rammen geeft vaak vechtpartijen. Hoewel een ongecastreerde ram het over het algemeen goed met een voedster zal kunnen vinden, is deze combinatie af te raden. Konijnen zijn zeer vruchtbaar en binnen korte tijd puilt het konijnenhok uit. En waar laat je al deze nakomelingen? Het slagingspercentage van het koppelen van konijnen is afhankelijk van het gedrag van de dieren. Ieder konijn heeft zijn eigen karakter. Er zijn gevallen bekend van rammen die wel goed met elkaar kunnen samenleven. En niet alle voedsters zullen elkaar accepteren. Sommige konijnen mogen elkaar simpelweg niet. Net zoals dat soms bij mensen het geval is. Zorg altijd voor een noodverblijf, voor het geval de dieren toch gaan vechten. Het koppelen van twee of meer konijnen heeft de grootste kans van slagen op neutraal terrein. Zet de dieren om te beginnen gedurende korte tijd bij elkaar. Dit kun je vervolgens uitbouwen totdat ze definitief bij elkaar zitten zonder te vechten. Blijf tijdens het koppelen altijd bij de konijnen, zodat je direct in kunt grijpen als het mis gaat. Een plantenspuit kan dienst doen als hulpmiddel om twee vechtende konijnen uit elkaar te halen zonder hierbij zelf gebeten te worden. Konijnen bij cavia's Konijnen worden regelmatig samen met een cavia gehuisvest. Dit is sterk af te raden. In de eerste plaats spreken de dieren beide een compleet verschillende taal. Ten tweede beschikt een konijn over een stel sterke achterpoten. Een trap kan fataal voor de cavia zijn. Daarnaast eten de dieren niet hetzelfde voedsel. Zet een konijn daarom uitsluitend bij een soortgenoot. Konijnen samen met andere huisdieren Laat andere huisdieren, zoals honden en katten, uitsluitend onder toezicht bij je konijnen. Je kunt ze van jongs af aan voorzichtig aan elkaar laten wennen. In het begin zal het konijn nog wat angstig zijn, maar dit verdwijnt op den duur vanzelf.
Huisvesting
Binnen of buiten? Konijnen kunnen zowel binnenshuis als buitenshuis worden gehouden. De dieren kunnen goed tegen de kou. In het najaar komen konijnen in de rui. De dieren verliezen hun zomervacht en daarvoor in de plaats komt een dikkere wintervacht. Kam je konijn in deze periode regelmatig. Zo voorkom je dat het dier tijdens het likken van de vacht (wassen) veel haren binnenkrijgt. Dit kan namelijk tot een levensgevaarlijke darmverstopping leiden. Konijnen kunnen niet goed tegen warmte. De temperatuur mag niet veel hoger dan 25 graden zijn, want anders kan het dier oververhit raken.
Voorkom grote schommelingen in temperatuur. Een konijn dat midden in de winter
buiten zit, kan niet plotseling een paar dagen in een verwarmde ruimte worden
gezet. Net zo min als je een binnenkonijn plotseling op de winterdag buiten kunt
zetten. Een buitenkonijn dat ziek wordt vormt een uitzondering, want deze moet
in een warme ruimte worden gezet. Als het konijn genezen is, moet je het zeer
geleidelijk weer aan de lagere temperatuur laten wennen. Verschillende soorten hokken
Konijnen hebben een grote behoefte aan lichaamsbeweging. Helaas worden er veel konijnenhokken verkocht die veel te klein zijn. De minimale afmeting per konijn bedraagt 1.30 meter bij 60 centimeter (breedte maal diepte), maar groter is altijd beter. Voor twee konijnen reken je een dubbele afmeting. Omdat konijnen graag rechtop staan, moet het hok minstens een meter hoog zijn. Deze minimale afmetingen gelden zowel voor binnen- als buitenverblijven. In de dierenwinkel zijn tal van verschillende konijnenverblijven te koop. Als buitenverblijf is een nachthok met een ren het meest geschikt. Plaats het verblijf op een beschutte, schaduwrijke plaats. Zet het nachthok minstens een halve meter boven de grond (bijvoorbeeld op palen). De onderkant van het hok wordt dan niet vochtig. Bovendien kun je de ruimte onder het nachthok bij de ren betrekken. Zorg voor een afgesloten bovenkant van het verblijf, want konijnen kunnen zeer hoog springen. Bovendien voorkom je op deze manier dat roofdieren, zoals vossen en steenmarters, zich aan je konijnen vergrijpen. Ook de onderkant van het verblijf moet afgesloten zijn. Leg een stuk gaas op enkele tientallen centimeters onder de grond. Je konijnen kunnen dan toch graven, maar niet ontsnappen. Konijnen zijn namelijk uitstekende gravers en kunnen binnen een mum van tijd via een hol uit het verblijf ontsnappen. Een nachthok met twee verdiepingen is efficiënt. Je konijnen hebben meer ruimte, terwijl het verblijf qua oppervlakte dezelfde hoeveelheid ruimte inneemt.
Als binnenhok is een kooi of houten buitenhok geschikt. Kies dan wel een kooi die de minimale afmetingen van een konijnenverblijf heeft. Zet het verblijf niet op de grond in verband met tocht. Ook volle zon moet je vermijden. De dunakooi (plastic bak met doorzichtige bovenkap) is een populair verblijf. Toch is het af te raden hier konijnen in te huisvesten. De ventilatie is in een dergelijke kooi onvoldoende. Bovendien staan konijnen graag rechtop tegen het tralies of gaas. Een dunakooi is te laag en heeft te gladde zijkanten. Een konijn krijgt in dit hok al snel het gevoel opgesloten te zitten.
Als je een beetje handig bent aangelegd, kun je natuurlijk ook zelf een hok bouwen. Je kunt dan zelf de afmetingen van het verblijf bepalen. Gebruik alleen aan de buitenkant een verf of beits ter bescherming van het hout. Aan de binnenkant kunnen de konijnen knagen en zodoende de giftige stoffen binnenkrijgen. Controleer tevens of er geen spijkers uitsteken waar de konijnen zich aan kunnen verwonden. Het dak moet altijd flink uitsteken om te voorkomen dat het verblijf nat wordt tijdens een stevige regenbui. Maak het dak altijd schuin, zodat het regenwater er gemakkelijk van af loopt. Bodemmateriaal Gebruik als bodembedekking stro of aubiose (hennepvezel). Dit geeft veel minder stof dan zaagsel en bevat bovendien geen schadelijke stoffen. Hooi is als bodembedekker minder geschikt, omdat dit de urine en ontlasting onvoldoende absorbeert. Geef dit alleen als voedsel. Schoonmaken Een konijnenhok moet minstens twee keer per week worden schoongemaakt. Konijnen deponeren hun ontlasting meestal in een hoek van de kooi. Deze poephoek moet dagelijks verschoond worden. In de zomermaanden is het noodzaak het verblijf vaker te reinigen in verband met vliegen. Zeker in buitenhokken leggen vliegen hun eitjes in het bodemmateriaal. Als het konijn ontlasting in de buurt van de anus heeft zitten, worden ook daar eitjes gelegd. De maden die hier uitkomen, kunnen via de anus het lichaam binnendringen. Het gevolg is dat het konijn van binnen als het ware opgegeten wordt, meestal met een fatale afloop. Je kunt het verblijf beter een keer te vaak dan te weinig verschonen. Inrichting van het konijnenverblijf
In een konijnenverblijf moet het volgende aanwezig zijn:
Drinkfles: Een konijn moet altijd over vers drinkwater beschikken. Verschoon het
water minstens één keer per dag. Een fles is hygiënischer dan een drinkbak. In
een bak komt snel rommel, zoals keutels en bodemmateriaal. Haal regelmatig de
algen uit de fles. Stop wat zand of rijst in de fles en doe hier wat water bij.
Schud vervolgens net zolang totdat de fles weer doorzichtig is. Spoel de fles
goed na om te voorkomen dat de tuit van de fles verstopt raakt. Etensbak: Zorg voor een stevige en zware etensbak. Konijnen hebben vaak de neiging spullen op te tillen met hun snuit. Koop bij voorkeur een bak van steen of aardewerk. Een plastic exemplaar kun je verzwaren met cement. Hooi: Een konijn moet altijd hooi kunnen eten. De vezels in het hooi zijn van essentieel belang voor de darmwerking. Geef het hooi eventueel in een hooiruif. Het blijft hierdoor langer droog en schoon. Nat hooi trekt snel vliegen aan.
Speelgoed: Konijnen hebben, in tegenstelling tot honden en katten, meestal
weinig speelgoed in hun verblijf. Toch zijn konijnen dol op spelen en zijn ze
graag bezig. Zorg daarom voor wat verrijking in het hok. Enkele voorbeelden van
geschikt konijnenspeelgoed:
Verzorging
Controleer regelmatig de nagels van je konijnen. Als de dieren op een zachte ondergrond worden gehouden, kunnen de nagels te lang worden. Het konijn krijgt dan problemen met lopen. In de dierenwinkel zijn speciale nagelschaartjes voor konijnen te koop. Pas op dat je niet in het leven van de nagel knipt. Het leven herken je aan het bloedvaatje dat halverwege de nagel ophoudt. Bij donkere konijnen met donkere nagels is dat vaak wat lastig te zien. Raadpleeg bij twijfel altijd een dierenarts of een deskundige. Normaal gesproken slijten de tanden van konijnen vanzelf door het knagen op hard voedsel. Soms kan het gebeuren dat de tanden scheef groeien en daardoor onvoldoende afslijten. Bij een konijn met olifantstanden staan de ondertanden naar buiten. De tanden moeten dan regelmatig worden geknipt. Door te lange tanden kan het konijn niet goed eten, waardoor het vermagert. Als je hier niet op tijd bij bent, kan dit zelfs tot de dood leiden. De dierenarts kan je precies voordoen hoe je de tanden moet bijknippen. De hoeveelheid vachtverzorging is per konijnenras verschillend. Konijnen met een langharige vacht, zoals een Teddy Widder of een Angora zul je regelmatig moeten borstelen of kammen. Dit geldt ook voor een konijn dat in de rui is. Klitten in de vacht of haren rondom de anus kun je voorzichtig afknippen. Het verwijderen van loszittende haren is van essentieel belang. Konijnen wassen zichzelf en elkaar door de vacht schoon te likken. Het inslikken van veel haren kan leiden tot een levensgevaarlijke darmblokkade. Je hoeft konijnen normaal gesproken niet te wassen. Doe dit alleen als het echt noodzakelijk is, bijvoorbeeld bij een huidziekte of bij extreme vervuiling. Gebruik altijd lauwwarm water en een zachte babyshampoo. Het dier moet grondig worden afgedroogd om te sterke afkoeling te voorkomen.
Voortplanting
Konijnen staan erom bekend zich in hoog tempo voort te planten. De uitdrukking 'die fokken als konijnen' komt niet zomaar uit de lucht vallen. Als je geen nestje wilt, is het dus zaak er zeker van te zijn dat je twee dezelfde geslachten aanschaft. Bij een jong konijn (ook wel lamprei genoemd) is het geslacht vaak lastig te bepalen. Let op de afstand tussen de anus en de geslachtsopening. Bij rammetjes is deze afstand iets groter dan bij voedsters. Kijk daarnaast naar de vorm van de geslachtsopening. Een ram heeft een ronde geslachtsopening, terwijl deze bij een voedster meer de vorm van een spleetje heeft. Op latere leeftijd gaat de geslachtsbepaling wat gemakkelijker, omdat de rammen dan zaadballen krijgen. Links een voedster (vrouwtje), rechts een ram (mannetje)
Ga nooit lukraak een nestje konijnen fokken. Wees er eerst zeker van dat je nakomelingen een goed tehuis krijgen bij nieuwe eigenaren. Tenzij je ze allemaal zelf wilt houden, maar dan moet je daar wel huisvesting voor hebben. Fok alleen met gezonde dieren die over een goed karakter beschikken. De ram en de voedster moeten hetzelfde formaat hebben. Een Hangoordwerg met een Vlaamse Reus is bijvoorbeeld geen gezonde combinatie. Het is beter om met dieren te fokken die van hetzelfde ras zijn. Op die manier blijft het ras zuiver.
Een voedster moet minstens negen maanden oud zijn voordat ze voor een eerste
keer gedekt mag worden. Bij broodfokkers krijgen voedsters vaak op te jonge
leeftijd nakomelingen. Omdat de voedster dan zelf nog in de groei zit, is dit
erg slecht voor haar eigen ontwikkeling. Na 28 tot 32 dagen komen de blinde en naakte jongen ter wereld. Een paar dagen voor de bevalling bouwt moeder een nest van hooi/stro en haren die ze uit haar buik plukt. Een voedster zal zich maar twee keer per dag bij het nest begeven om haar kroost te laten drinken. Dit is normaal en je hoeft niet bang te zijn dat ze de jongen verwaarloost. Na tien dagen gaan de ogen van de jonge konijnen open en na drie weken verlaten ze het nest om hun omgeving te verkennen. De dieren moeten minstens tien weken bij hun moeder blijven. Bedenk je, voordat je aan een nest begint, dat er in Nederland sprake is van een groot overschot aan tamme konijnen. Dit komt omdat er (te) veel onverwachte nesten worden geboren, bijvoorbeeld omdat de geslachten verkeerd bepaald zijn of omdat de ongecastreerde ram te laat bij de voedster is weggehaald. Het gevolg is dat de konijnenopvangcentra in Nederland overvol zitten. Hoe meer nestjes jonge konijnen er geboren worden, hoe groter het tamme konijnenoverschot zal zijn. Jonge konijnen zijn natuurlijk leuk en schattig, maar je doet de konijnen pas echt een plezier door een dier uit een opvangcentrum te halen ! Castratie van een ram Op een leeftijd van drie maanden zijn de rammen vruchtbaar. Scheid ze dus op tijd van de voedsters. Als de ram vijf tot zes maanden oud is, kan hij gecastreerd worden. Het castreren van je konijn heeft meerdere voordelen. In de eerste plaats kan de ram niet meer voor nakomelingen zorgen, terwijl hij toch met een voedster kan samenwonen. Doordat hij geen zaad meer produceert, kan ook zijn gedrag veranderen. Gecastreerde rammen zullen veel minder op de voedster 'rijden'. Bovendien worden ze vaak wat rustiger.
Een castratie van een ram is een ingreep die vrij weinig voorstelt. Ga wel naar een dierenarts die verstand van konijnen heeft. Laat je bij de keuze van een geschikte dierenarts nooit leiden door de prijs die hij of zij hanteert.
Een castratie gaat als volgt in zijn werk: Het konijn wordt eerst onder narcose gebracht en merkt niets van alle handelingen aan zijn lijf. De dierenarts maakt twee kleine sneetjes in het vliesje dat om de zaadbal zit. De bal wordt vervolgens uit het vlies gedrukt. Hierna bindt de arts de bal af en knipt het van de zaadleider af. Al met al duurt de hele ingreep ongeveer tien minuten. Het konijn is een uur na de ingreep alweer in staat om te lopen en te eten. Zet een gecastreerd konijn de eerste dag op handdoeken. Er kan dan geen hooi of stro in de nog verse operatiewond komen. Een gecastreerde ram blijft nog tot vier weken na zijn ingreep vruchtbaar. De eerste maand moet hij dus nog even geduld hebben om bij zijn konijnenvriendin te mogen. Sterilisatie van een voedster Voedsters kunnen op latere leeftijd een baarmoedertumor krijgen. Dit kun je voorkomen door het konijn te laten steriliseren. Dit kan vanaf een leeftijd van zes maanden. Deze operatie vindt plaats onder algehele verdoving. De dierenarts maakt een snee in de buik en verwijdert de baarmoeder en de eierstokken. Een sterilisatie van een voedster is een veel grotere ingreep dan een castratie van een ram. Laat deze klus dus alleen door een ervaren konijnendierenarts uitvoeren. Schijnzwangerschap
Een voedster die een nest bouwt, maar onmogelijk gedekt kan zijn door een ram, is schijnzwanger. Onder invloed van hormonen denkt het konijn dat ze zwanger is en kinderen krijgt. De frequentie van een schijnzwangerschap verschilt per konijn. Soms kan dit verschijnsel wel één keer per maand optreden. Ze sleept met nestmateriaal en plukt haren van haar buik. Ook kunnen de tepels en buik wat opgezet zijn. Haal het nest binnen een paar dagen weg. De enige manier om schijnzwangerschappen te voorkomen, is de voedster te laten steriliseren. Gezondheid
Het is onmogelijk om hier alle konijnenaandoeningen die er bestaan te
beschrijven. Raadpleeg een dierenarts als je konijn één of meer van de volgende
symptomen heeft:
Myxomatose De bekendste en ook gevaarlijkste konijnenziekte is myxomatose. Dit virus is in 1952 opzettelijk in Frankrijk verspreid door een bacterioloog met de bedoeling wilde konijnen uit zijn tuin te weren. De ziekte verspreidde zich razendsnel en kwam ook in Nederland terecht. Het virus wordt verspreid door stekende insecten, zoals muggen en vlooien. De ziekte komt vooral in de zomer en nazomer voor. Vooral in gebieden waar veel wilde konijnen voorkomen, lopen tamme konijnen het risico om besmet te raken. Een konijn met myxomatose heeft opgezette oogleden en knobbels in de huid. Het dier heeft geen eetlust en krijgt koorts. Zet een konijn met myxomatose altijd direct apart van andere konijnen en zorg dat het voldoende voedsel binnenkrijgt (eventueel dwangvoederen). Raadpleeg direct een dierenarts. Deze kan in sommige gevallen een antibioticum, pijnstiller en oogzalf voorschrijven. De kans op genezing is afhankelijk van meerdere factoren, zoals de weerstand van het konijn en het stadium van de ziekte. De meeste konijnen sterven uiteindelijk aan de ziekte. Bij duidelijke tekenen van pijn, is het diervriendelijker om het konijn te laten euthanaseren. Laat je konijn in het voorjaar (april-mei) en in het najaar (augustus-september) vaccineren tegen myxomatose. Dit kan een heleboel leed voorkomen. Een dwergkonijn mag op een leeftijd van drie maanden voor het eerst gevaccineerd worden. Bij grotere konijnen mag dit al na een maand. Zeven dagen na de injectie is je konijn beschermd tegen het virus. VHS Een ander besmettelijk konijnenvirus is VHS (Viraal Haemorrhagisch Syndroom). Dit wordt ook wel RHD (Rabbit Haemorrhagic Disease) genoemd. Deze ziekte komt pas sinds tien jaar in Nederland voor. In 2004 zorgde dit virus voor een ware slachting onder de wilde konijnenpopulatie in Nederland. VHS verspreidt zich via stekende insecten, direct contact tussen konijnen, uitwerpselen, maar ook via besmette materialen zoals het verblijf en de voerbak. Maximaal drie dagen na de besmetting treden de eerste symptomen op. Het konijn heeft een slechte eetlust, is benauwd en krijgt koorts. Vaak komt er een bloederige afscheiding uit de neus. Het konijn sterft uiteindelijk aan inwendige bloedingen. Zet een konijn dat verschijnselen van VHS vertoont direct apart. Ontsmet de kooi en alle materialen in het verblijf zeer grondig. Er bestaat gelukkig een vaccinatie tegen VHS. Laat je konijn één keer per jaar inenten. De beschermingsduur van deze vaccinatie is een jaar. Het konijn moet acht weken oud zijn voor deze injectie. Het vaccin kan gelijktijdig met de myxomatose-inenting worden toegediend. Vaccinatieschema
Hanteer altijd het volgende vaccinatieschema voor je konijnen: Konijnen krijgen over het algemeen geen bijwerkingen van deze vaccinaties. Soms kan er op de insteekplaats van de injectie een zwelling ontstaan. Het lijkt dan of er een knikker onder de huid zit. Dit is onschuldig en verdwijnt vanzelf. Omdat je minstens twee maal per jaar naar de dierenarts moet voor de vaccinaties, is het aan te bevelen een transportbox te kopen. Je kunt je konijn dan veilig vervoeren.
Houd de vaccinaties van je konijnen nauwkeurig bij. Een vaccinatieboekje is een
handig hulpmiddel.
Diarree Een gezond konijn legt droge, harde en ronde keutels. Een konijn met diarree heeft een zachte en plakkerige ontlasting. De uitwerpselen zitten vaak aan de kont vastgeplakt. Volwassen konijnen krijgen overigens zelden diarree. Bij jonge konijnen komt diarree het vaker voor. Er zijn meerdere oorzaken van diarree. Zo kan er sprake zijn van een verkeerd voedingspatroon, zoals te veel groenvoer. Jonge konijnen kunnen last krijgen van een darmparasiet. Deze aandoening wordt Coccidiose genoemd. Besmetting vindt plaats via de ontlasting. Houd een konijn met Coccidiose altijd gescheiden van andere konijnen. Bij een ernstige vorm hebben de dieren een waterige ontlasting, die soms bloed bevat. Uitdroging ligt hierbij op de loer. Raadpleeg onmiddellijk een dierenarts. Deze kan de ontlasting microscopisch onderzoeken en zal bij de diagnose Coccidiose een antibioticumkuur voorschrijven. Zorg ervoor dat het konijn voldoende vocht binnenkrijgt. Het hok moet ontsmet worden om een nieuwe besmetting van het konijn (of andere konijnen) te voorkomen. Nachtkeutels Konijnen leggen 's nachts zachte keutels die aan een tros zitten. Dit noemen we nachtkeutels (caecumontlasting) of blindedarmkeutels. Deze keutels bevatten belangrijke voedingsstoffen, zoals eiwitten en vitaminen. Daarom eten konijnen deze uitwerpselen op. Als konijnen de nachtkeutels niet opeten, blijven deze meestal plakken aan de kont (het plakpoepsyndroom). Een belangrijke oorzaak van dit probleem is overgewicht. Een te dik konijn kan namelijk niet goed met zijn kop bij de anus komen. Een andere oorzaak is een verkeerd voedingspatroon. Konijnen die te veel krachtvoer krijgen, hebben geen behoefte aan nachtkeutels. Links normale keutels, rechts een 'tros' nachtkeutels
Huidproblemen door parasieten Parasieten, zoals luizen, vlooien en (schurft)mijten veroorzaken kale plekken, schilfers, jeuk en korstjes of wondjes. Konijnen met oormijt schudden veel met hun kop. Ga bij dergelijke symptomen naar de dierenarts. Deze kan een huidschraapsel onder de microscoop bekijken om te zien welke parasiet de boosdoener is. Aan de hand van de uitslag kan de arts bepalen wat de beste behandelmethode is. In de meeste gevallen zal het konijn een vachtspray of injectie krijgen.
Voeding
Droogvoer Er zijn diverse soorten en merken konijnenvoer op de markt. Je kunt kiezen uit gemengd voer of uit geperste brokken die allemaal hetzelfde zijn. Voordeel van dit 'eentonige' voer is dat de dieren alle benodigde voedingsstoffen binnenkrijgen. De meeste konijnen zijn vrij kieskeurig, waardoor ze van het gemengde voer vaak alleen de lekkere ingrediënten eten. Vul in dat geval de etensbak pas bij als het konijn alles heeft opgegeten. Schakel nooit plotseling over op een ander merk voer. Meng het oude voer nog een tijdje met het nieuwe merk. Konijnen kunnen vaak slecht tegen een te snelle omschakeling. Groenvoer Konijnen zijn herbivoren (planteneters). Geef ze daarom dagelijks groenvoer. Geschikte groentesoorten zijn bijvoorbeeld wortel, andijvie, witlof of paardenbloem. Minder geschikt zijn koolsoorten, sla of bonen. Deze soorten veroorzaken darmgassen. Ook scherpe groenten, zoals prei, ui en peper, zijn uit den boze.
Let bij het plukken van wilde planten altijd op de aanwezigheid van
bestrijdingsmiddelen. Pluk geen planten die langs de weg staan. Deze zijn bijna
altijd bespoten en bevatten bovendien veel schadelijke uitlaatgassen van het
verkeer. Wees er altijd zeker van dat de planten niet giftig zijn voor konijnen.
Geef liever geen gras of wilde planten uit gebieden waar veel wilde konijnen
leven. Dit in verband met de overdracht van besmettelijke ziekten.
Overig voedsel
Hard brood is goed voor het slijten van de tanden. Knaagstenen zijn niet
geschikt, want deze kunnen nierstenen veroorzaken.
Omgang/gedrag
Het optillen van een konijn
Konijnen houden er niet van om opgetild te worden. Toch kan het af en toe nodig zijn het dier op te pakken. Al is het alleen maar om te zien of het nog gezond is. Het in de nekvel oppakken verdient niet de voorkeur, maar kan bij schuwe konijnen soms noodzakelijk zijn. Ondersteun altijd de achterkant van het dier. Een betere methode is het optillen onder de voorpoten en de kont. Wees er altijd op bedacht dat een konijn kan gaan spartelen. Een val is vaak fataal voor het dier. Help, mijn konijn bijt! Bijtgedrag kan meerdere oorzaken hebben, zoals angst, dominantie of frustratie. Zorg altijd voor voldoende lichaamsbeweging en een soortgenoot (zie eerder in de tekst). Een konijn dat bijt als je met je hand in het verblijft komt, kan territoriaal gedrag vertonen. Een castratie of sterilisatie kan dan een oplossing zijn. Benader een konijn nooit van bovenaf. Het konijn ziet je dan aan voor een roofvogel en zal bijten uit angst. Bijtgedrag is over het algemeen af te leren. Benader een gedragstherapeut of konijnendeskundige. Het gebeurt namelijk vaak dat een agressief wordt weggedaan, terwijl er in de meeste gevallen iets aan het ongewenste gedrag te doen is. Zindelijk Een konijn is vrij gemakkelijk zindelijk te maken. Het dier legt zijn keutels meestal in een hoek van het verblijf. Je kunt je konijn een speciale toiletbak geven. Dit is vooral handig als je het dier regelmatig los in huis laat lopen. Hij kan dan tijdens het loslopen 'op het potje' poepen en plassen. Leg in het begin iedere keutel in de toiletbak. Als het konijn aanstalten maakt om te gaan poepen of plassen, zet je hem snel op de bak. Op deze manier snapt het konijn op den duur dat hij zijn behoeften in de bak moet doen. Los rondlopen
Konijnen stellen het zeer op prijs om dagelijks los te lopen. Dit kan in de tuin
of in huis. Neem hierbij altijd de volgende maatregelen in acht:
Binnen:
Buiten:
Het tam maken Een konijn dat van jongs af aan contact met mensen is gewend, zal van nature al behoorlijk tam zijn. Het tam maken kost in dit geval weinig moeite. Een konijn dat nog maar weinig mensen heeft gezien, vergt uiteraard meer tijd en geduld. Laat een nieuw konijn altijd eerst een paar dagen met rust. Op deze manier kan het dier aan zijn nieuwe omgeving wennen. Probeer vervolgens het konijn voorzichtig aan te raken. Dit kun je steeds verder uitbouwen, totdat je het konijn zonder moeite kunt optillen. Benader konijnen altijd laag bij de grond. In de natuur komen hun vijanden namelijk van grote hoogte (roofvogels). Konijnen en kinderen Konijnen worden vaak ten onrechte gezien als huisdieren voor kinderen. De verantwoordelijkheid van de verzorging mag nooit bij het kind liggen. Houd er als ouder rekening mee dat het kind na een paar weken of maanden misschien wel op het huisdier uitgekeken is. In dat geval zul je als ouder de taak van verzorger over moeten nemen. Laat een klein kind nooit een konijn optillen. Een val van niet al te grote hoogte kan al tot botbreuken of erger leiden. Zet het konijn daarom zelf bij het kind op schoot.
Kosten
De aanschafprijs van een konijn varieert tussen de tien en vijftig euro. Dit is
afhankelijk van het ras en de afkomst van het dier. Een raszuivere Angora is
bijvoorbeeld duurder dan een kruising. Maar met alleen de aanschafprijs van het
konijn zelf ben je er nog niet. Hieronder een overzicht van de kosten van het
houden van twee konijnen: Eenmalige kosten:
Terugkerende kosten:
Twee konijnen kosten op jaarbasis toch minimaal enkele honderden euro's aan verzorging.
Overwegingen
Na het lezen van dit artikel weet je wat er komt kijken bij het houden van konijnen. Om goed voor konijnen te kunnen zorgen, moeten de volgende aspecten geen probleem voor je zijn. Is dat niet het geval, dan kun je beter niet aan konijnen beginnen. Een konijn mag immers nooit de dupe worden van een ondoordachte impulsaankoop.
Suzanne de Lijser
Konijnenboeken
Konijnen - Hans L. Schippers |
|||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
Copyright DierenNieuws © |
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||